
04/03/2026
Van hennep naar plaatmateriaal: op zoek naar een beter saldo
Dat hennep perspectief heeft, daarvan zijn Sjoerd Elgersma en zijn compagnon Wessel Brand al jaren overtuigd. De vraag is niet óf het gewas kansen biedt, maar via welke route het rendabel wordt voor de agrarisch ondernemer.
Ze zien drie mogelijke verdienmodellen. Vezelhennep wordt al geteeld en verwerkt tot isolatiemateriaal. Maar de houtige kern van de plant, goed voor zo’n 70 procent van het geoogste materiaal, wordt nu nog verkocht als dierstrooisel. Zolang die grote stroom weinig oplevert, blijft het saldo achter.
Daarom ligt de focus nu op een tweede route: de houtige scheven verwerken tot hoogwaardig plaatmateriaal, interessant voor de bouw. Een derde route is het apart oogsten van de toppen en bladeren voor veevoer of misschien zelfs medicinaal gebruik, al staat wetgeving dat op dit moment nog niet toe. Er wordt op dit moment gelobbyd om te kijken wat binnen de regelgeving mogelijk is.
In dit artikel duiken we in de ontwikkeling van dat plaatmateriaal. Want daar wordt nu hard aan gewerkt en zijn er concrete stappen gezet. Innovatiemakelaar Alfons van den Belt ging hierover in gesprek met Sjoerd Elgersma, medeoprichter van CHB Panels en initiatiefnemer van dit traject.
Een gewas dat alles in zich heeft
Hennep hoort van oorsprong thuis in onze regio. Het werd hier namelijk al in de VOC tijd geteeld. Het groeit snel en heeft daardoor geen last van onkruid. Ook is het goed te telen op basis van organische mest en zonder chemische gewasbescherming. Hennep staat ruim drie maanden op het veld waardoor het land eind augustus weer vrij is om een ander gewas te zaaien. Afhankelijk van de bedrijfssituatie kan het gewas behoorlijke euro’s opleveren in het GLB. Bovendien is het een rustgewas in het rotatieschema.
Maar een goede teelt draait om meer dan alleen enthousiasme en een goed gewas. Agrarische ondernemers maken bewuste keuzes. Ze kijken naar bodemkwaliteit, risico, arbeid, regelgeving en toekomstbestendigheid. En ja, ook naar het saldo. “Het moet recht doen aan het kapitaal van de grond en de teelt,” vertelt Sjoerd, “anders is het niet kansrijk om op te schalen.” Het gaat om een eerlijke beloning voor wat wordt geïnvesteerd in land, kennis en vakmanschap.
De 70% die het verschil moet maken
De vezels worden verwerkt tot isolatiemateriaal, maar zo’n 70 procent van de baal blijft achter als laagwaardige stroom. En juist daar zit de sleutel. “Die moeten we omhoog krijgen, daar zit het verschil” zegt Sjoerd. De ambitie is helder: het gewas moet naar 1500 tot 2000 euro saldo per hectare kunnen. Alleen dan wordt het een serieus alternatief. En dus gingen zij aan de slag met de verwaarding.
Het begon allemaal in de Middelste Molen in Loenen. Met een zak hennep scheven onder de arm werd het materiaal verpulverd in een installatie die vroeger voor papier werd gebruikt. Zo ontstonden de eerste proefplaten. “Toen we de eerste plaatjes geperst hadden, zagen we dat we iets moois te pakken hadden en werden we echt enthousiast.” Het doel is helder: een plaat met minimaal dezelfde eigenschappen als bestaande platen voor ongeveer dezelfde prijs. De meerwaarde komt dan uit het vastleggen van Co2 en in de praktijk geven mensen aan dat een woning gemaakt van biobased materialen een fijner klimaat heeft.
Van experiment naar serieuze ontwikkeling
Wat begon in de Middelste Molen bleef niet bij een lokaal experiment. De Innovatie Coöperatie stelde aanjaagbudget beschikbaar. Via Krimppp in Arnhem kwamen Sjoerd en Wessel in contact met Edwin Keijsers van Wageningen University & Research. Met meer dan 25 jaar ervaring in biobased vezelmateriaal bracht hij samen met zijn collega’s diepgaande kennis in over vezels, samenstellingen en producteigenschappen. “Hij gaf ons de bevestiging dat dit echt kansrijk kan zijn”, vertelt Sjoerd.
Via het netwerk werd ook een laboratorium in Duitsland betrokken. Daar werden de eerste platen geperst en getest op eigenschappen als sterkte en vochtbestendigheid. Niet alleen kijken of het kan, maar ook aantonen wat het materiaal doet. Voor de binding van de vezels werd gekozen voor een lijm op basis van soja, geleverd door Solenis. Ook daar kwam een belangrijke bevestiging vandaan. Edwin, met zijn jarenlange ervaring in hennep toepassingen, gaf aan dat de manier waarop hier met de lijm werd gewerkt bijzonder kansrijk was.
Waar staan ze nu? Testen en certificeren
In maart 2026 wordt bij TNO een eerste grote plaat van 70 x 70 centimeter geperst. Daarmee zetten Sjoerd en zijn partners een concrete stap richting certificering en markttoepassing. Die plaat gaat mee naar het Agro Innovatie Event zodat je zelf kunt zien waar ze nu staan met de platen. Daarna volgen grotere formaten. Parallel loopt het traject richting certificering, want zonder certificering geen afnemer. En zonder afnemer geen schaal. Dit is de meest cruciale stap om te zetten in de komende maanden.
Het fundament, ook voor de certificering, ligt er. De processen zijn van A tot Z uitgeschreven en het concept is schaalbaar. En juist dat maakt het interessant voor de markt. Als de scheven niet langer een reststroom zijn, maar een hoogwaardige grondstof voor plaatmateriaal, verandert het rekenplaatje fundamenteel. En dat is uiteindelijk het belangrijkste doel voor Sjoerd: een betere prijs voor de agrarische ondernemer.
Samen versnellen
Wat dit traject typeert, is de samenwerking. Ondernemers, onderzoekers, laboratoria in Duitsland, lijmspecialisten van Solenis, Wageningen University & Research en TNO trekken samen op. “Je hebt kennis nodig, maar ook ondernemerschap,” zegt Sjoerd. Praktijk en wetenschap die elkaar versterken. Ideeën die worden getest en partners die niet alleen meedenken, maar mee willen bouwen. “Iedereen wil verbonden blijven aan het project, hoe mooi is dat!”
Hij noemt zichzelf met een knipoog een ‘simpel boertje uit Loenen’ tussen de onderzoekers. “Zij hebben 25 jaar kennis in het laboratorium. Maar als er praktische mensen bij komen, wordt het realiteit.” En juist die combinatie maakt het krachtig.
Wanneer is het geslaagd?
“Als er een plaat ligt die vergelijkbaar of beter is dan bestaand materiaal. Als die gecertificeerd wordt toegepast in een eerste project en als het saldo voor de agrarisch ondernemer daadwerkelijk stijgt.” Dan is de cirkel rond en heeft hennep niet alleen perspectief, maar ook een toekomst.
En wat dat voor hem betekent? “Dan hebben wij ons werk gedaan. We laten nu vooral zien wat er mogelijk is, zodat anderen het verder kunnen brengen. Als het eenmaal staat, focussen wij ons weer op waar ons hart ligt: de teelt van gewassen en de begeleiding daarvan.”
Er is veel te vertellen over de verwaarding van hennep, teveel voor één artikel. Tijdens het Agro Innovatie Event op 1 april in Apeldoorn gaan we verder en staan Sjoerd en Edwin op het podium om hun verhaal te vertellen. Ook zijn ze de hele avond aanwezig om in gesprek te gaan met geïnteresseerden. Dus kom luisteren, stel je vragen en ontdek wat er mogelijk is als we samen bouwen aan deze keten.